Tawheed van Namen en Eigenschappen van Allah

In de naam van Allah de Al-Machtige


Die zei met woord en geluid  (en Zijn spraak is niet geschapen):



7. Hij is het, Die u het Boek heeft nedergezonden; er zijn verzen in, die
onoverdrachtelijk zijn, zij vormen de grondslag van het Boek, en er zijn andere
(verzen), die dubbelzinnig zijn. Maar degenen in wier hart dwaling is, volgen die, welke
dubbelzinnig (bedoeld) zijn en zoeken tweedracht en de verkeerde uitleg. En niemand
kent de juiste uitleg dan Allah en degenen, die vast gegrondvest zijn in kennis, die
zeggen: "Wij geloven er in; het geheel is van onze Heer"; en niemand trekt er lering uit,
dan zij, die begrip hebben.[Surat Al-Imraan]


En vrede en zegeningen zij met de profeet Muhammad en zijn familieleden vooral zijn vrouwen en met zijn metgezellen, die zei:”De joden zullen zich opsplitsen in éénenzeventig groeperingen, de christenen zullen zich opsplitsen in tweeënzeventig groeperingen en mijn Oemmah (gemeenschap) zal zich opsplitsen in drieënzeventig groeperingen, allen zijn in het Hellevuur behalve één.” Daarop vroegen de mensen en metgezellen: ”En wie is die (ene) groep dan O Boodschapper van Allah?” Hij antwoordde: ”Degenen die zijn op datgene waarop ik en mijn metgezellen vandaag de dag op zijn.” (Overgeleverd door ibn Mâdjah, nr.3993)








Dus men moet de Namen en Eigenschappen begrijpen volgens de begrip van de sahaba en hun studenten de Tab'ien en de studenten van de Tab'ien, dus de drie gouden generaties.


De profeet Salla allahu alaihi wasalaam zei:"“De beste mensen zijn van mijn generatie, dan diegenen die hen volgen, en dan diegene die hen volgen, dan zullen er mensen komen wiens getuigenis voorrang zal geven aan hun eed en hun eed voorrang zal geven aan hun getuigenis.” Overgeleverd door  al-Boechaarie en Moslim"








De Methodologie van de Salaf omtrent het begrijpen van de Namen en Eigenschappen van Allah, is als volgt:


Wij kennen aan Allah toe wat hij aan zichzelf toekent in de Koran of wat de profeet toekent aan Allah in de authentieke ahadith, zonder de bekende en uiterlijke betekenis te manipuleren of een zwakke en vergezochte interpretatie te hanteren en ook niet de Eigenschappen van Allah vergelijken met die van de schepselen of zijn Eigenschappen af te beelden.


Allah heeft dit duidelijk en kort en krachtig gezegd:



Er is niets aan Hem gelijk
en Hij is de Alhorende, de Alziende[surat sjoerra vers 11]




Uitspraken van de salaf:


Qays Ibn 'haazim zei:'Toen Oemar (Allah is tevreden met hem) aankwam in Levant begroette de mensen hem terwijl hij op zijn kameel reed. De mensen zeiden tegen hem:'Als je nou een paard rijdt dan zouden de hoogwaardige mensen u ontmoeten.' Oemar zei tegen hen:'Ik zie jullie hier niet, de bevel komt namelijk vanuit hier- en hij wees met zijn hand naar de hemel- laat me kameel erdoorheen.[Overgeleverd door Imam Ibn Abi Shayba 8/9 en Aboe Nu'aim in zijn 'Hulya 1/47 en Ibn Qudama in zijn 'Oeloew, alle overleveringen zijn via Imam Ibn Abi Shayba. Imam Dhahabi overleverde het in zijn 'Oeloew pag. 77 en hij zei over deze athar:'Zijn Isnaad is als de zon.']


Dus Oemar Ibn Al-Khattab (Allah is tevreden met hem) geloofde dat Allah boven de hemel is, want hij wee naar de hemel en zei dat de opdracht van daar komt en wie geeft er opdrachten anders dan Allah?!


Dit is ook een bewijs dat het toegestaan is om naar Allah te wijzen richting de hemel.


Hiermee verschillen de Oude Jahmiyah en neo-Jahmiyah namelijk de asharieten en maturiditen en ahbaash, want volgens hen is het ongeloof om te zeggen dat Allah boven de hemel is.


Oemar Ibn Al-Khattab erkende aan Allah wat Allah aan zichzelf toekende en zijn profeet(salla allahu alih wasalaam), zonder manipulatie door te stellen dat allah overal is zolas een groep binnen de Jahmiyah dat beweert of nergens zoals de neo-jahmiyah dat beweert.


De vertaler van de Koran ;


'Atae verhaalt over Ibn Abbas (Allah is tevreden met hem) dat hij op de volgende vers:'14. Het dreef onder Onze ogen voort'[al-Qamar] naar zijn ogen wees.[Overgeleverd door al-LaeLaka'i 3/411]


Ibn Abbas wees naar zijn ogen met de bedoeling dat de ogen die genoemd zijn door Allah in zijn Koran om ware ogen gaat, maar hoe die ogen er uit zien? daar zijn wij niet aansprakelijk voor.


Wij bevestigen wat Allah voor zichzelf bevestigt en zijn profeet, zonder de hoedanigheid van die eigenschap te beschrijven, want Allah heeft ons daarvoor niet aansprakelijk gesteld.


De Tabi'i Rabi'ah Ibn 'Amrou al-Jarshi:


hij zei als commentaar op deze vers;'De gehele aarde zal in Zijn
greep zijn op de Dag der Opstanding, en de hemelen zullen worden opgerold in Zijn
rechter hand'[az-zumar 67] En de andere Hand is leeg.[Overgeleverd door Ibn Jarir at-Tabari 24/25 en Abdullah Ibn Ahmad Ibn Hanbal in zijn Sunnah 2/501


Dit is een duidelijke erkenning van een van de salaf dat Allah twee handen heeft, zonder die Handen van Allah te vergelijken of te afbeelden volgens de handen van Zijn schepselen. Hij heeft het ook niet gemanipuleerd zoals de Jahmiyah de oude en de latere door te beweren dat het kracht of macht of gunst betekent.


Hiermee wordt de bidae van de dwalende kapot gemaakt.




De Imam, De Tabi'i  genaamd; Hakiem Ibn Jaabir Ibn Taariq ibn 'Awf Al-A'hmasie:


Hij zei:'Allah heeft niets aangeraakt met zijn Hand behalve drie dingen, Allah schiep de paradijs met zijn hand, hij maakte haar grondlaag met de safraan en haar bergen van Misk en hij schiep Adam met zijn Hand en Hij Schreef de Torah met zijn Hand.'[Overgeleverd door Ibn Abi Shayba 13/96 en Hanaad Ibn Suri in zijn Zoehd pag. 46 en Abdullah Ibn Ahmad Ibn Hanbal in zijn Sunnah 1/275 en al-Ajjeri in zijn Shareeah pag. 340 en Imam Dhahabi in zijn 'Oeloew pag. 125]


Zo is het helder voor eenieder die open staat voor de waarheid!